transport

Fietstocht van de maand: februari 2017

Ik gebruik heel vaak de fiets voor mijn verplaatsingen. Fietsen vind ik geweldig omdat ik dan van de frisse buitenlucht kan genieten, het is mijn sportmomentje zonder dat ik er extra tijd voor vrij moet maken en ik moet geen parkeerplaats zoeken. Het lijkt bijna een bijkomstigheid maar fietsen is natuurlijk ook goed voor het milieu. Daarom begon ik een reeks waarin ik elke maand een fietstocht beschrijf. Naar waar gingen we? Wat waren de weersomstandigheden? En hoe paste ik mijn kledij en fietsuitrusting daaraan aan? 

Bestemming: school

Afstand: 3,8 km

Weersomstandigheden: ‘Vandaag is het opnieuw grijs met perioden met regen. De wind waait meestal matig uit westelijke richtingen. De maxima liggen rond 7 of 8 graden in de Ardennen en tussen 9 en 11 graden elders in het land.’

Tijdstip: 8.09 u

Duurtijd: 18 min

Fietsuitrusting: fietsstoeltje (niet gebruikt), fietstas, fietskar

Wie? Ik, Joris en Arne

Kledij: regenjas en regenbroek

Opmerkingen: Gisteren moest Thijs wat vroeger gaan werken en was het aan mij om Joris naar school te brengen. Helaas, want het goot pijpenstelen op het moment dat we moesten vertrekken. Geen probleem voor de kindjes, Joris ging bij Arne in de fietskar zitten en zo kwam hij droog aan op school. Ik besloot wijselijk mijn regenbroek aan te trekken. Voor wat langere tochten heb ik ook nog waterdichte hoesjes voor over mijn schoenen maar deze keer vertrok ik zonder. Regen, het lijkt vaak voor te komen, toch regent het in België slechts 7% van de tijd. De wintermaanden zijn het natst, december is volgens het kmi met 81,0 mm en 19,3 neerslagdagen de natste maand van het jaar. In februari regent het gemiddeld maar op 16,3 dagen. Onze weerman Frank Deboosere gaat sinds 2005 steevast met de fiets naar het werk. Hij houdt een online dagboek bij waarin hij onder andere noteert hoeveel % van de fietstijd het geregend heeft. Voor 2017 komt hij tot nu toe aan 7,2%, mooi rond het gemiddelde. Het is dus echt waar dat het helemaal niet zo vaak regent als we wel denken 🙂

 

Standard
persoonlijk

Dr. Ir. Sofie

De titel van deze blogpost verraadt het al, enkele dagen terug heb ik succesvol mijn doctoraatswerk verdedigd. Ik behaalde daarmee de hoogste academische graad die een persoon aan de universiteit kan verwerven. Vanaf nu mag ik dus volgens de wet mijn naam uitbreiden met de officiële titel Doctor, afgekort Dr. Niet dat ik ook maar iets om titels geef. Ook voor het geld heb ik dit niet gedaan (niet dat het veel oplevert). Waarom deed ik het dan? Mijn motivatie vloeide simpelweg voort uit interesse voor het onderwerp en mijn nieuwsgierige aard. Mijn proefschrift was getiteld ‘Management of the bacterial pathogens Xanthomonas campestris pv. campestris and Pseudomonas syringae pv. porri in cabbage and leek production using novel bacteriophages’.  Ik begrijp het als je hier niets van begrijpt, daarom wat uitleg:

Voor mijn doctoraat ben ik op zoek gegaan naar een middel om de plantenziekten zwartnervigheid in kool en bacteriebrand in prei, veroorzaakt door respectievelijk de bacteriën X. campestris pv. campestris en P. syringae pv. porri, te bestrijden. Plantenziekten veroorzaakt door bacteriën zijn een belangrijke oorzaak van productieverliezen in de landbouw, vooral omdat er momenteel geen efficiënte bestrijdingsmiddelen beschikbaar zijn. Daarom heb ik in mijn werk het potentieel van bacteriofagen onderzocht als biologisch bestrijdingsmiddel. Bacteriofagen zijn virussen die specifiek bacteriën infecteren, zich erin vermenigvuldigen en bij de vrijstelling van de nieuw gevormde partikels de gastheer doden. Ze vormen de vijand van bacteriën en zijn dus onze bondgenoot want ‘de vijand van uw vijand is uw vriend’. Het onderzoek zelf vormde een serieuze uitdaging. Eerst heb ik onze vijand in kaart gebracht. In samenwerking met de proeftuincentra die gespecialiseerd zijn in landbouwgerelateerd onderzoek heb ik uit zieke kool- en preiplanten bacteriën geïsoleerd en deze geïdentificeerd. Vervolgens ben ik op zoek gegaan naar fagen die deze bacteriën konden infecteren. Zij die in de illusie leven dat elk (levend) organisme op aarde al grondig in kaart is gebracht moet ik teleurstellen. Er zijn nog een hele hoop ongekende wezens een een groot deel daarvan bevindt zich gewoon onder onze voeten. Ze zijn gewoon zo klein dat je ze enkel met een elektronenmicroscoop kan zien. Ik heb dus nieuwe, unieke fagen geïsoleerd uit bodemstalen van Vlaamse kool- en preivelden en heb hun eigenschappen in het labo onderzocht. Die waren alvast veelbelovend zoals te zien is aan de afbeelding bovenaan dit artikel. Die stelt een petriplaat voor waarop doorzichtige plaques gevormd zijn op plaatsen waar fagen de bacteriën gedood hebben. Tenslotte heb ik met plantproeven onderzocht of de fagen ook reële toepassingsmogelijkheden hebben in de landbouw. In het labo en in de serre waren de fagen in staat de planten te beschermen tegen de bacterie, er werden minder symptomen vastgesteld bij de planten behandeld met fagen. Op het veld was hun effect wisselend. Dit komt doordat er op een veld veel omgevingsfactoren zijn die de proef beïnvloeden. Ik heb dus nog geen product dat de boeren morgen over hun veld kunnen spuiten wanneer ze bacterieaantasting vaststellen. Het goede nieuws is dat mijn onderzoek verder gezet zal worden (door iemand anders).

Ik hoop dat ik met mijn werk heb kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van een biologisch bestrijdingsmiddel dat ervoor zorgt dat we in de toekomst lekkere groenten op ons bord hebben zonder dat er pesticiden gebruikt moeten worden die schadelijk zijn voor het milieu en onze gezondheid. En dat de boeren binnenkort een middel hebben om productieverliezen te beperkten zodat ook hun werk rendabel blijft.

Standard
reizen

Op stap: de Hobokense polder

Het zou hier een blog worden rond eco-reizen, maar daar is tot nu toe niet veel van te merken vrees ik. Dat komt voor een stuk doordat ik bezig ben met het afronden van mijn doctoraat waarvan het einde nu wel heel dichtbij komt (over een paar dagen is het zover!). De tweede reden is dat ik momenteel werk aan het zoeken ben en hoe moeilijk het al is om verlof vast te leggen als je werkt, des te moeilijker is dat als je werk zoek. Ik weet namelijk niet wanneer ik een nieuwe job ga vinden en daarom slaag ik er maar niet in om een vakantie te plannen. Je kan vind ik namelijk moeilijk de eerste weken bij een nieuwe werkgever afkomen met de mededeling dat je een week vakantie neemt.

De vakantienood wordt daarom nu opgevuld met korte uitstapjes dicht bij huis, super eco-verantwoord! Vandaag brachten we een bezoekje aan de Hobokense polder:

De Hobokense Polder (beheerd door Natuurpunt) heeft zijn naam te danken aan het vroegere poldergebied dat zich hier langs de oever van de Schelde uitstrekte: laaggelegen land dat geregeld overstroomd raakte en door bescheiden boeren in cultuur werd gebracht. Sinds de ophogingen, die vanaf de jaren zestig werden uitgevoerd, is dat gebied definitief verdwenen. Een nieuw landschap is ontstaan, een landschap dat door snelle evolutie van flora en fauna ook nu nog voortdurend verandert.

Het natuurgebied bestaat voor een groot stuk uit vijvers met rietranden. We kwamen twee kijkhutten tegen van waaruit je de watervogels kan waarnemen. Er loopt ook een pad over een voormalige spoorweg. Wat het extra leuk maakte is dat je gratis een doe-rugzakje kan ontlenen bij de nabijgelegen taverne ‘De Schorren’, een initiatief van Natuurpunt. Joris was super blij met het kompas, vergrootglas en verrekijker, ook al kon hij nog niet met alles evengoed overweg. Ook zaten er opdrachtjes bij waarvan we er een paar deden maar Joris bleek toch nog net iets te klein. (Hij kon niet nalaten te piepen in de zak waar hij al voelend drie dingen uit moest herkennen.) Hij amuseerde zich vooral met takken, een rietstengel, steentjes, … Ondertussen zat Arne bij mij op de rug in de draagzak, van daaruit kon hij alles goed zien.

Wat mij heel blij maakte waren de wilgenkatjes en de bloeiende hazelaren, een teken dat de winter bijna ten einde is én bovendien een goede voedselbron voor de bijen die al terug begonnen zijn met broeden en zich klaarmaken voor de aankomende lente. Ahja, Joris had op school een themaweek rond het boekje ‘Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft‘, dat maakte alle molshopen natuurlijk extra interessant. En de koeienvlaaien die we tegenkwamen van de Galloway runderen kregen ook een grote portie aandacht 😉 De runderen zelf zagen we niet, mogelijk verblijven die in de winter ergens anders.

Standard
thuis

Hoe word je imker? 5 tips

Ik heb het al eens eerder vermeld maar wie het nog niet weet: ik ben een imker. Wanneer ik dit vertel zijn de meeste mensen erg geïnteresseerd en vragen ze hoe ik dit geworden ben. Voor zij die nieuwsgierig zijn of zelf graag imker willen worden deel ik graag mijn tips:

  1. volg een imkercursus
    Het begon allemaal toen ik in de kruidtuin in Leuven een poster zag voor een imkercursus die georganiseerd werd door de lokale bijenvereniging (de Bieëntelers der Dijle). Samen met een geïnteresseerde vriendin begonnen we aan de lessenreeks die bestond uit ongeveer 10 zaterdagvoormiddagen les en 2 praktijkdemonstraties. We leerden er de onderdelen van een bijenkast, producten die door een bijenvolk gemaakt worden, biologie van de honingbij etc. Ik begon de cursus gewoon uit interesse voor de bijen maar elke les werd gegeven door een ander imker en die imkers waren zo vol passie over hun bijen dat mijn interesse nog meer groeide. Hoe meer ik erover leerde hoe meer bewondering ik kreeg voor die kleine beestjes en ik dit zelf ook wou proberen, ja ik wou ook imker zijn!
  2. zoek een peter
    Lessen volgen is één ding, effectief bijen houden is een andere zaak. Je kan nog zoveel leren uit voordrachten of boeken, hoe je met een bijenvolk omgaat leer je pas echt als je het iemand ziet doen en kan meedoen. Via de cursus kreeg ik de contactgegevens van een imker waar ik mocht gaan helpen om zo de praktijk te leren. Daar haalde ik voor het eerst zelf een raam met bijen uit een volk, mocht ik helpen een koningin te merken en leerde ik wintervoer bereiden en geven. Vroeger werd deze informatie vaak van vader op zoon doorgegeven maar aangezien er in mijn familie geen imkers zijn was ik blij dat een imker zijn ervaring met mij wilde delen.
  3. word lid van een vereniging
    Het is geen verplichting maar het helpt wel. De meeste verenigingen komen één maal per maand samen en telkens wordt er een voordracht gegeven over een interessant thema. Zo worden er nieuwe imkertechnieken besproken, over andere bijenrassen verteld, wat je met propolis (een soort hars waarmee bijen de kast desinfecteren en gaten dichten) kan doen enzovoort. Je leert er veel bij maar die samenkomsten zijn ook gewoon de ideale gelegenheid om je vragen en problemen voor te leggen aan collega imkers. Nu nog zie ik soms dingen in mijn bijenkast waar ik geen raad mee weet en dan is het altijd leuk om te vernemen dat anderen hetzelfde is overkomen en wat je eventueel kan doen (of beter niet doet). Ook een aanrader is de facebookgroep ‘imkers voor imkers’ waar je vragen kan stellen en ervaringen kan delen met andere imkers.
  4. zorg dat je het juiste materiaal hebt
    Om een bijenvolkje te huisvesten en te onderhouden heb je nogal wat materiaal nodig. Je hebt een kast nodig bestaande uit een broedbak en honingzolder met bijhorende raampjes, een bodem en een dak. Om aan je volkje te werken heb je een kapruin nodig en handschoenen, ook een beroker, ramentang en beitel zijn onmisbaar. Om honing te oogsten heb je ook nog een ontzegelvork, zeef en emmer met kraantje nodig. De honingslingeraar die je nodig hebt om honing te oogsten kan je in het begin lenen bij de vereniging. Er bestaan verschillende kasttypes, elk met een ander formaat ramen, gemaakt uit hout of polystyreen. Welke je kiest hangt af van de manier waarop je wil imkeren en je persoonlijke voorkeur. Advies van een ervaren imker kan je helpen een keuze te maken.
  5. zorg voor bijtjes
    Hoe geraak je nu aan bijen? Je kan melden bij de lokale brandweer dat je imker bent en vragen dat ze jou contacteren als ze melding krijgen van een zwerm. Zo’n zwerm is de natuurlijke manier van bijen om een nieuw volk te starten. Zoals je al kon lezen leert mijn ervaring als zwermschepper me dat de kans dat je ook effectief een zwerm vangt klein is omdat er veel foutieve meldingen zijn. De gemakkelijkste manier om te starten is met een aflegger van een bijenvolk van een bevriend imker. Zo’n aflegger bestaat doorgaans uit drie ramen met gedeeltelijk open broed, twee ramen met voer (honing) en een raam met stuifmeel. Zodra de bijen merken dat er geen moer (koningin) meer is kiezen ze één of meerdere larfjes uit die speciaal voer krijgen zodat er een nieuwe koningin geboren wordt die na paring eitjes kan beginnen leggen. Zo heb je dus een nieuw volkje.

Voila, dit is kort samengevat hoe ik het heb aangepakt. Mocht er iemand ook gepassioneerd geraken door bijen en graag imker willen worden dan ben ik steeds kandidaat om peter (of eigenlijk meter) te worden!

Standard
transport

Fietstocht van de maand: januari 2017

Ik gebruik heel vaak de fiets voor mijn verplaatsingen. Fietsen vind ik geweldig omdat ik dan van de frisse buitenlucht kan genieten, het is mijn sportmomentje zonder dat ik er extra tijd voor vrij moet maken en ik moet geen parkeerplaats zoeken. Het lijkt bijna een bijkomstigheid maar fietsen is natuurlijk ook goed voor het milieu. Daarom begin ik een reeks waarin ik elke maand een fietstocht beschrijf. Naar waar gingen we? Wat waren de weersomstandigheden? En hoe paste ik mijn kledij en fietsuitrusting daaraan aan? 

Bestemming: school en créche

Afstand: 1,9 km + 2 km + 2,5 km = 6,4 km

Weersomstandigheden: “Het is zwaarbewolkt tot betrokken en nevelig. Enkel aan de kust zijn lokaal enkele opklaringen. De maxima liggen tussen +3 graden aan zee, 0 tot +2 graden in het centrum en -3 graden in de Ardennen bij een zwakke en in de Ardennen soms matige wind uit het zuidoosten tot oosten.”

Tijdstip: 15.20 u

Duurtijd: 7 min , 8 min en 11 min terug (in totaal ongeveer 45 min onderweg)

Fietsuitrusting: fietsstoeltje, fietstas, fietskar

Wie? Ik, Joris en Arne

Kledij: winterjas, sjaal, handschoenen

Opmerkingen: Onze dagdagelijkse routine bestaat eruit dat Thijs de kindjes op de school en de créche afzet en dat ik ze weer ophaal. En dat doen we gewoon met de fiets. Joris zit in het fietsstoeltje en Arne in de fietskar, die laat Thijs ’s ochtends achter bij de créche waar ik hem ’s avonds dan aan mijn fiets kan vastmaken. We hebben allebei een stoeltje op onze fiets. En onze auto? Die blijft gewoon op de oprit staan.

Standard
persoonlijk

Een blogwereld vol Sofie’s: update

Een tijdje terug schreef ik er al over, ik ben niet alleen in blogland! Ondertussen kwam ik via via nog terecht op de blogs van drie extra Sofie’s. Het begint misschien een obsessie te lijken maar ik vind het gewoon leuk om te volgen waar anderen mee bezig zijn en een gemeenschappelijke voornaam wekt meteen mijn nieuwsgierigheid 🙂 Het lijstje:

  • Tussendromenenleven
    Op deze mooie blog schrijft Sofie al meer dan 6 jaar over gelukkig groen leven, leuke dingen en chronisch ziek zijn. Ze schrijft ook soms over gezonde lekkere dingen die ze koopt of maakt. Haar laatste blogpost gaat over Abbot Kinney’s Coco Frost ijs, en zo kwam ik terecht bij haar recept voor plantaardig bananenijs, staat op mij todo lijst want ik denk dat ik daarmee hier wel wat mensjes blij kan maken!
  • Sofinesse
    Sofie is radiopresentatrice bij radiozender Nostalgie waar ze de ochtendshow doet. Op haar blog schrijft ze (sinds 2010) over haar werk, haar rol als mama van twee zoontjes en bewegen. Ze deelde onlangs haar succesrecept voor koemelkvrije havermout bananenkoekjes. Sinds een paar weken volgt ze een koemelkvrij dieet omdat haar zoontje dat borstvoeding krijgt waarschijnlijk allergisch is. Ik heb het zelf ook maandenlang gedaan dus weet wat het is en wens haar veel succes, na een tijdje wordt het gemakkelijker maar het blijft toch een opgave.
  • Fielosophie
    Houdt van muziek, reizen en schrijven en blogt daar al meer dan 10 jaar over! Is een denker en dromer en ook mama. Haar laatste blogpost gaat over hoe ze haar spoedkeizersnede beleefde.

En natuurlijk zijn er nog de reeds gekende Sofie bloggers, een update van hun schrijfsels:

  • Natuurlijk Sophie
    Ik weet het, onze blognamen zijn op de schrijfwijze na identiek. Toch ontdekte ik haar blog pas toen ik mijn naam gekozen had. Qua blogstijl zijn er wel verschillen. Natuurlijksophie schrijft namelijk maar één keer per maand en post vooral receptjes voor gezonde lekkernijen. Ze schrijft sinds juli 2015 en haar meest recente post ging over lolly’s van banaan gedipt in chocolade, mmm. Ze is oprichter van Nalini, een natuurlijk kraampakket.
  • Eenwereldvansofie
    Blogt sinds augustus 2015 regelmatig over feminisme maar ook over haar burn-out en de combinatie van werk en gezin. Sinds kort schrijft ze over haar zoektocht naar een job en haar babytje. Ze heeft ook nog een peuter rondlopen. Haar verhalen en bedenkingen zijn voor mij heel herkenbaar.
  • damngoodsoffie
    Op haar blog ‘Perfect Day for a Picknick’ schrijft ze al sinds september 2012. Ze vertelt over het verlies van haar  mama maar ook feminisme ligt haar nauw aan het hart. Haar laatste post is een brief aan haar overleden mama waarin ze beschrijft hoe het verlies voelt en wat ze het meeste mist.
  • fiekefatjerietjes
    Deelt al 8 jaar haar favoriete plantaardige receptjes op haar blog omdat er in België nog te weinig aandacht besteed wordt aan plantaardig eten / gebak. Sommige receptjes kan je terugvinden op de website van EVA vzw. Mijn favoriet tot nu toe is haar pompoenlasagne! Haar laatste blogartikel beschrijft waar ze mee bezig is (haar blog, koken) wat haar inspireert (lijstjes), wat haar frustreert (droge handen), waar ze trots op is (haar dochter),…

Heet jij ook  Sofie en staat je blog er nog niet tussen, laat gerust iets weten!

Standard
persoonlijk

Onderschat de kracht van (youtube) yoga niet!

Ruim anderhalf jaar doe ik nu aan yoga en ik ben toch wel onder de indruk van de impact hiervan op mijn dagelijks leven. Iedereen heeft een manier nodig om zich te ontspannen en zijn of haar lichaam in goede conditie te houden. Er zijn hiervoor veel manieren. Sommige mensen ontspannen zich door wat televisie te kijken of een goed boek te lezen en je kan aan je conditie werken door te fitnessen, lopen, zwemmen… Maar voor mij valt die inspanning en ontspanning perfect samen in mijn half uurtje yoga. Door je gedachten te focussen op je bewegingen en de houding van je lichaam komt je geest tot rust terwijl je lenigheid en stevige spieren opbouwt. De rust en het zelfvertrouwen dat je ervaart tijdens de oefeningen op je mat neem je mee in het dagelijkse leven en zorgen er ook daar voor dat je doelbewust en zelfzeker bent.

Ik kan niet genoeg benadrukken hoe geweldig ik dit vind al moet ik toegeven dat het bij mij geen liefde op het eerste zicht was met yoga. Ik probeerde het een keer uit tijdens mijn studententijd in de hoop er de stress en hoofdpijn mee te kunnen verminderen. Ironisch genoeg ben ik ermee gestopt omdat ik het zo druk had dat er voor yoga geen tijd was… Het feit dat we met 40 studenten in een te kleine zaal ons moesten focussen op onze ademhaling terwijl je de persoon naast je hoort ademen en bewegen hielp ook niet echt. Toch las ik heel veel goede dingen over yoga op een andere blog waardoor in in de zomer van 2015 een nieuwe poging deed. Ook nu zocht ik een remedie tegen de stress en omdat ik in verwachting was schreef ik mij in voor een korte cursus zwangerschapsyoga. Ik was matig enthousiast, weer vond ik de aanwezigheid van anderen te veel voor afleiding zorgen en voelde ik mij hierdoor minder op mijn gemak. De echte ontdekking voor mij was youtube yoga! Er staan op youtube heel wat filmpjes van vrouwen (waarom ben ik eigenlijk nog geen mannelijke yogi tegengekomen?) die aan yoga doen en ondertussen vertellen hoe je de beweging moet uitvoeren. Mijn grote favoriet is de ‘find what feels good’ yoga van ‘yoga with Adriene‘. Minstens één keer per week post ze een nieuw filmpje met een yoga sessie en in haar sessies ontbreekt nooit een goede portie humor waardoor het allemaal wat minder zweverig en serieus is. Ze toont steeds hoe je de yoga oefening kan aanpassen aan een niveau dat bij je past en als je wilt kan je de oefening zo uitvoeren dat je nadien een stevige workout achter de rug hebt. De youtube filmpjes zijn voor mij echt ideaal omdat ik gewoon thuis wanneer de kindjes in bed liggen rustig alleen aan yoga kan doen.

Eén januari startte ze de 31 day yoga revolution challenge. 31 dagen lang elke dag een half uurtje yoga. Ik doe mee en kan dit iedereen aanbevelen. Probeer het eens in zie zelf wat het effect is op je rug, buikspieren, lenigheid maar ook zelfvertrouwen. Ik ben benieuwd 🙂

Standard
thuis

Groene vingers en een wit decor zorgden voor een goeie start van het nieuwe jaar!

2017 begon hier rustig maar daarom niet minder goed, dit zijn de dingen die mij bijblijven van afgelopen week:

  • Thijs en Joris bouwden een wilgenhut in onze tuin, althans dat dachten ze… Thijs en ik speelden al langer met het idee om zo’n constructie in onze tuin te maken. Je steekt wilgentenen in de grond en vervlecht deze op de manier dat jij wilt en in het voorjaar vormen de takken nieuwe wortels en lopen de knoppen uit. De nieuwe scheuten kan je dan weer vlechten totdat je constructie dichtgeweven is. Een levende hut. Thijs vroeg waar hij ze mocht zetten en begon eraan. Even later riep hij me om vol trots het resultaat te laten zien. Heel mooi gedaan maar toch merkte ik meteen een klein maar toch belangrijk foutje… De takken die hij gebruikte waren helemaal geen wilgentenen! Daar heb ik hem toch even mee uitgelachen 🙂 We laten de hut staan en zien wel wat er van komt dit voorjaar. Misschien lopen de takken die hij gebruikt heeft ook wel uit en is het resultaat nog mooier dan een ‘gewone’ wilgenhut?
  • Op onze vensterbank in de keuken staan twee orchideeën die al jaren meegaan. Een tijdje terug merkte ik op dat er op een van de stengels nieuwe blaadjes én wortels verschenen. Google leerde mij dat zo’n baby Phalaenopsis een ‘keiki’ heet. Ik knipte hem los van de moederplant en stak de wortels in een pot met orchideeënsubstraat. Wat ben ik blij met mijn nieuw baby’tje 🙂
  • Toen we voor het orchideeënsubstraat naar AVEVE gingen stond daar een slee in de aanbieding. Met het idee dat zoiets wel leuk is mocht het sneeuwen kochten we er eentje en hoera twee dagen later werden we wakker en zag alles wit! We trokken met z’n vieren en de slee naar het fort op zoek naar een leuke helling. De helling was net niet stijl genoeg om te blijven glijden maar Joris houdt toch niet zo van snelheid en vond het heel leuk.
  • De sneeuw van gisteren zorgde voor mooie taferelen. Onderweg zag ik deze rode bessen met een ijslaagje rond. Ik heb ze nooit eerder gezien en weet dus niet om wat voor soort struik het gaat, iemand die mij kan helpen?
  • Sinds we vegetarisch eten gebruiken we vaker noten in onze gerechten en wat is er leuker (en goedkoper) dan nootjes rapen in je eigen tuin? Daarom plantten we twee hazelaars in onze tuin. Hazelaars zorgen bovendien voor veel stuifmeel in het voorjaar wat ook mijn bijtjes ten goede komt. Omdat onze kip in dat stukje tuin vrij rondloopt bouwde Thijs een hekje rond de jonge planten om ze te beschermen.

Natuurlijke waren er ook minder leuke dingen. Arne veroorzaakte weer enkele helse nachten (een aardappelallergie?) en ik ging een keer naar mijn co-promotor in Leuven om daar van de secretaresse te horen dat hij ziek was. Maar die zaken zijn binnenkort weer vage herinneringen en overtreffen niet het geluk van veel tijd en rust van afgelopen week. Daarom steun ik ook het pleidooi voor een 30-urenweek voor iedereen (ook mannen!), zodat er ook tijdens een werkweek tijd is voor kleine leuke momentjes!

Standard
persoonlijk

Mijn 2016 in boeken

Soms vraag ik mij af wat ik deed met al die tijd die ik had voordat ik mama werd. Het antwoord is simpel: lezen. Ik kon mij urenlang bezig houden met lezen en besteedde er bijna elk vrije moment aan. De eerste deuk in mijn leesroutine kwam er toen ik een relatie kreeg, we namen namelijk de gewoonte aan om bijna elke avond samen naar een aflevering van een serie te kijken. Maar dat deukje valt in het niets bij de impact die de geboorte van de kindjes had. Ze vragen enorm veel tijd en energie en door de slapeloze nachten is de vermoeidheid vaak zo groot dat ik mijn aandacht niet bij een boek kan houden. De laatste tijd betert het met die vermoeidheid en hoewel ze overdag nog alle aandacht opeisen is er ’s avonds nog een restje energie over en dat zou ik graag terug besteden aan lezen.

Het voorbije jaar heb ik 5 boeken gelezen, een samenvatting:

De eerste twee maanden van 2016 las ik geen enkel boek, die periode valt dan ook samen met de eerste twee levensmaanden van Arne. In maart begon ik in het boek Economie zkt geluk van Peter van Rompuy. Een boek over een thema dat mij nauw aan het hart ligt: hoe kunnen we onze economie aanpassen zodat niet de winst het belangrijkste is maar het geluk van de mensen? De thema’s in het boek waren herkenbaar en voor mij niet nieuw, vooral het nawoord van Geert Noels leverde mij nieuw inzichten op. Ik hoop echt dat onze economie die nu enkel gebaseerd is op groei snel evolueert naar een meer menselijke economie.

Het eerste boek was na enkele weken uit maar voor het tweede boek, Congo van David Van Reybrouck, had ik toch een goeie 4 maanden nodig. Van dit boek was ik echt onder de indruk. Het is knap hoe je zo’n spannend non-fictie boek kunt schrijven dat bovendien enorm gedetailleerd is en waarvan alle genoemde feiten gedocumenteerd zijn. Ik heb dit boek heel graag gelezen en ben blij dat ik nu meer weet over onze koloniale geschiedenis. Dankzij dit boek heb ik ook zin gekregen om zelf te beginnen schrijven. Een boek van dat kaliber is verre toekomst maar ik droom ervan ooit ook een boek te kunnen schrijven.

Na dat boek volgde er een iets lichter verhaal, de spannende thriller Het meisje in de trein van Paula Hawkins. Zo spannend dat ik het boek op minder dan twee weken uit had, toch miste ik een beetje diepgang in de personages. Ik vond het boek vooral intrigerend omdat ik zelf een hele tijd heb gependeld met de trein. Elke keer zit je met dezelfde mensen in die ene treincoupé en zie je hetzelfde landschap dag na dag. Het verhaal was dus in sommige opzichten zeer herkenbaar voor mij.

Daarna ontstond het plan om mijn eigen blog te beginnen en las ik het Blogboek van Kelly Deriemaker. Een goed boek met heel veel nuttige tips die echt alle aspecten van het bloggen belicht. Het boek bezorgde mij erg veel inspiratie en zin om te beginnen. De schrijfster blogt zelf al jarenlang op ‘Tales from the crib‘, een blog die ik volg en heel graag lees.

Het laatste boek las ik uit op 1 januari en hoort dus eigenlijk bij mijn gelezen boeken in 2017, maar ik wil het toch graag vermelden. Het boek heet Buigen in jappenkampen en is geschreven door Lydia Chagoll. In het boek beschrijft Lydia aan de hand van korte verhaaltjes wat ze zich herinnert van haar verblijf in japanse kampen tijdens WOII. De levensomstandigheden die ze beschrijft zijn gruwelijk maar vooral de aanpassingsproblemen die ze had na haar terugkeer in Nederland vind ik aangrijpend. Mijn oma die zelf tijdens de oorlog in een kamp in China zat gaf mij dit boek en ik ben blij dat ik nu beter begrijp wat ze heeft meegemaakt. Ik hoop dat niemand dit ooit moet meemaken maar zoals Lydia op het einde van haar boek schrijft zijn er nog steeds kinderen die in mensonwaardige omstandigheden leven. Zij probeert er iets aan te doen en ik hoop dat ik ook op een of andere manier een steentje kan bijdragen.

Ik hoop dit jaar weer wat meer tijd te kunnen vrijhouden om te lezen zonder mij compleet af te sluiten van Thijs en de kindjes.

Standard
reizen

Met de fiets naar Vézelay: een terugblik op onze eerste fietsvakantie met een peuter

Een goeie twee jaar geleden vertrokken we vanuit Leuven met de fiets naar Vézelay, een stadje in het Franse departement Yonne gelegen in de Bourgogne streek. Vézelay is een oud bedevaartsoord waarnaar er verschillende pelgrimsroutes leiden.  Pelgrimeren is een oude manier van reizen en past binnen de huidige trend van traag reizen. Bij traag reizen neem je de tijd om elke bestemming volledig te ontdekken en de lokale cultuur te leren kennen in plaats van je van het ene hoogtepunt uit je reisgids naar het volgende te haasten. Traag reizen heeft als bijkomend voordeel dat het vaak ook ecologisch beter is. Uiteraard verbruik je minder fossiele brandstoffen als je de auto, de trein of in ons geval de fiets neemt in plaats van het vliegtuig. Traag reizen is bovendien vaak ook goedkoper. Zo hadden we geen transportkosten voor de heenreis per fiets en konden we meestal onderweg boodschappen doen om ’s avonds zelf te koken. Hier volgt een fotoverslag van onze reis:

Heel handig was ons boekje ‘Langs oude wegen: deel 1′ (Clemens Sweerman en Aart van Rossum). Een boekje met duidelijke kaarten, informatie over campings en cultuur historische uitleg bij de dorpjes op de route. Zo hadden we een gedetailleerde routebeschrijving voor een fietstocht langs rustige wegen. Ons ‘bakske’ aan het fietstuur met doorzichtige kaarthouder zorgde ervoor dat we al rijdend de wegbeschrijving konden volgen. Bovendien konden we zo de belangrijke zaken zoals portemonnee en gsm bij de hand houden.

Tip: Zorg voor een aangename fietsroute.

Op het moment van de reis was Joris 14 maanden, hij ging dus mee in de fietskar. Achteraan in de fietskar was opbergruimte waar we zijn slaaptentje, pampers, picknickdeken en ons eten vervoerden. Verder hadden we op elke fiets twee fietstassen van Vaude waarin we kleding voor 3 dagen, matje, slaapzak, kookgerief en toiletgerief vervoerden. Die fietstassen zijn waterdicht en gemakkelijk los te klikken van de bagagedrager en dus ideaal voor trektochten, maar we gebruiken ze nu nog voor onze dagelijkse boodschappen. Omdat ons 2-persoonstentje sinds de gezinsuitbreiding niet meer voldeed kochten we voor deze vakantie een nieuwe, ruimere tent. Ons oog viel op de Hilleberg Kaitum 3GT, een ruime maar ook lichte tent (elke extra kilo telt!). De tent heeft een grote voortent waar we het slaaptentje van Joris plaatsten plus onze bagage, en doordat er langs de andere kant ook een opening is konden we stilletjes in en uit de tent sluipen als hij sliep.

Tip: Degelijk en licht materiaal is voor een lange tocht zeker aan te raden.

Wat is hij toch schattig onze Joris 🙂 Aan dat picknickdeken hebben we hééél veel gehad. Zo hadden we steeds een drogere en propere plaats om te zitten en te spelen.

Tip: Neem een waterdicht picknickdeken mee.

Qua speelgoed ging er niet veel mee, enkel deze speelgoedringen en een speelgoedautootje. Verder amuseerde Joris zich vooral met onze kookpotten, theepotje, lepel, beker, fietspomp, hamer, … Wat betreft kleding ging er voor iedereen een fleece trui mee want er waren wel frisse avonden en regenachtige dagen. Een fietsbroek bespaarde Thijs en mij redelijk goed van een zere poep. Verder bestond onze outfit voornamelijk uit sneldrogende t-shirts, teva’s of sportschoenen en bij regenweer een regenjas.

Tip: Speelgoed is overbodig, een goede fietsbroek is wel een aanrader.

We hadden steeds onze lunch bij en konden dus eender waar stoppen voor een picknick en vaak kwamen we onderweg prachtige plaatsen tegen. ’s Middags at Joris gewoon met ons mee brood, zelfs stokbrood vond hij geen probleem. ’s Avonds at hij soms met ons mee, als de maaltijd minder geschikt was hadden we soms kant en klare potjes babyvoeding voor hem die we opwarmden in heet water. ’s Morgens en ’s avonds dronk Joris nog een flesje poedermelk waarvoor we het water opwarmden in een theepot op een gasvuurtje.

Tip: Met een gasvuurtje en theepot kan je gemakkelijk flesjes poedermelk klaarmaken.

Op deze foto is de chaos die er op onze campingplaats steeds heerste mooi weergeven. Die waslijn was echt onontbeerlijk. Verder kon je steeds onze tent, twee fietsen, fietskar en ons picknickdekentje terugvinden.

Tip: Neem zeker een waslijn en wasspelden mee.

Joris had dus zijn slaaptentje (Deryan baby Travel-cot) waarin hij ’s nachts sliep in onze voortent en waarin hij ook (soms) een middagdutje deed. Die dutjes zorgden geregeld voor frustratie bij ons omdat Joris heel moeilijk in slaap viel maar toch heel lastig was als hij moe was. Uiteindelijk gaven we de middagdutjes op en zorgden we er gewoon voor dat hij zo lang mogelijk bleef slapen wanneer hij in de voormiddag in de fietskar in slaap viel. Dat betekende dat we op die moment absoluut niet konden stoppen want dan werd meneertje wakker. Gelukkig kwamen we amper verkeerslichten tegen op onze rustige wegen, het enige probleem ontstond wanneer de fietskar bij Thijs aanhing en er een blad moest omgedraaid worden in ons boekje met de wegbeschrijving. Dan nam ik het boekje over, stopte en draaide het blad om, waarna ik het boekje terugbracht en we zonder stoppen verder de weg konden volgen.

Tip: Volg het ritme van je kind.

Nog een aanrader voor onderweg was de draagzak (Ergobaby Carrier Performance). Heel praktisch omdat hij niet veel plaats inneemt en je met een draagzak ook op moeilijk begaanbare plaatsen kan lopen. De draagzak was vaak ook de ideale manier om Joris wat tot rust te brengen.

Tip: Een draagzak is erg handig.
Het enige waarover we minder tevreden waren was onze Croozer fietskar. Op onze tocht legden we 650 km af in 11 dagen wat dus betekent dat we ongeveer 60 km per dag fietsten. Tijdens de tocht hebben we de buitenbanden moeten vervangen omdat ze volledig versleten waren en op het einde van de tocht waren ze weeral aan vervanging toe. Gelukkig sleten onze fietsbanden niet zo snel…

Tip: Neem fietsherstelgerief en pomp mee, nieuwe buitenbanden kan je ook onderweg kopen. 

Aangekomen in Vézelay! De laatste meters bestonden uit steile straatjes die we te voet aflegden maar voor de rest hebben we dus heel de rit gefietst. Maar dan moesten we met onze fietsen en fietskar nog terug thuis geraken… niet simpel. We namen de trein en moesten daarbij 4 keer overstappen. Dat betekende met twee fietsten, fietskar en peuter vier keer trap af en trap op om van spoor te veranderen. Heel vermoeiend en stresserend en als iemand een andere oplossing heeft hoor ik het graag, maar los daarvan was de reis zeer geslaagd.

Familie en vrienden hadden bedenkingen bij ons plan om met een peuter te gaan rondtrekken. Wij zagen minder problemen en vertrokken met de instelling dat er voor elk probleem wel een oplossing bestond. We hadden een proeftochtje gedaan van 3 dagen in eigen land waaruit we leerden wat nodig was (wc-papier!) en hoe we ons best organiseerden. Ja er waren platte banden en veel regen maar ook veel toffe mensen onderweg en hulp van lokale mensen. Het was een onvergetelijke reis waaraan we veel goede herinneringen hebben.

De belangrijkste tip: Vertrek! Je kan blijven plannen en er is altijd wel iemand die je gek verklaart maar laat je hierdoor niet tegenhouden.

(Deze blog is niet gesponsord. De beschrijving die ik soms van producten geef is mijn eerlijke, persoonlijke mening en is louter bedoeld ter informatie. Ik heb in dit artikel wel affiliate links gebruikt waardoor ik een klein percentage krijg als jullie via deze link iets kopen.)

Standard