Help, ik heb solitaire bijen of hommels in mijn tuin!

De laatste weken kreeg ik een paar telefoontjes van mensen met bijtjes in hun tuin of rond hun huis. Omdat het nog vroeg op het jaar is en uit een beetje doorvragen bleek dat het niet om een troep van duizenden bijtjes ging maar eerder een paar tientallen die in en uit holletjes kropen, kon ik al snel besluiten dat het niet om honingbijen maar om solitaire bijen ging. Zoals jullie in mijn verhaal van mijn eerste jaar als zwermschepper konden lezen ging ook vorig jaar zeker 80% van de telefoontjes over solitaire bijen of hommels. Ook al zijn dit zeer nuttige en vaak bedreigde insecten, ik begrijp dat ze in sommige gevallen voor overlast kunnen zorgen en vind het dan ook mijn taak als imker om die mensen te helpen. Hoe ik dat best kon doen, daar had ik geen idee van. Ik stak mijn licht op in de facebookgroep ‘imkers voor imkers’ en vernam daar dat er bij een andere imkervereniging een voordracht gegeven zou worden door Olivier Foubert over solitaire bijen en hommels. Gelukkig zijn imkers heel gastvrije mensen en was ik welkom om mee te volgen. Hier is wat ik leerde:

  • In totaal zijn er 358 soorten bijen gekend in ons land. Eén daarvan is de honingbij, verder zijn er 29 soorten hommels en de 328 andere soorten zijn wilde bijen. De term wilde bijen is juister dan de term solitaire bijen omdat sommige solitaire bijen ook een vorm van sociaal gedrag vertonen. Je kan bijen onderscheiden van andere insecten zoals wespen en vliegen door hun lange antennes, ovale ogen, 2 paar vleugels, verzamelharen voor stuifmeel en vertakte haren (enkel onder een microscoop waarneembaar).
  • Je kan bijen en hommels onderverdelen in generalisten en specialisten. Onze honingbij is een generalist want deze vliegt op meerdere soorten bloemen maar sommige wilde bijen leven enkel en alleen van het stuifmeel en de nectar van één soort bloemen. Specialisten zijn het meest kwetsbaar maar beide groepen hebben het momenteel moeilijk door de daling in het voedselaanbod (minder bloemen) en nestgelegenheid (ordelijke tuinen en akkerranden), klimaatveranderingen, pesticiden en een slecht beheer.
  • Elke biotoop bevat andere soorten bijen. De meest voorkomende solitaire bij is de gehoornde metselbij (eerste foto), die is vaak terug te vinden in de gaatjes van bijenhotels. Van de hommels is de boomhommel de meest voorkomende (tweede foto), deze nestelt zich soms in vogelnestkastjes. 70% van de wilde bijen en hommels maakt hun nesten ondergronds en zijn dus weinig gebaat met bijenhotels. Populaire nestplaatsen zijn graspollen, een oud muizennest, stijlwanden (hellingen van zand), zandhoopjes, …
  • De meerderheid van de wilde bijen kan niet steken!
  • Het bloembezoek is afhankelijk van hun tonglengte en lichaamsbouw. Hommels hebben een heel lange tong en kunnen dus nectar halen uit bloemen met een diepe kelk. Hoe kleiner een bij hoe minder ver ze vliegt, voor sommige wilde bijen is dit een tiental meters, onze honingbij kan wel 3 km ver vliegen.
  • Bijenhotels zijn tegenwoordig erg populair, ze kunnen een hulp vormen voor de 30% wilde bijen die bovengronds naar nestplaatsen zoekt. Meerdere kleine nestkastjes zijn aan te raden boven één grote omdat grote groepen bijen het hun vijanden (vb specht) erg gemakkelijk maken. Wie zelf een bijenhotel wil maken let er best op dat de wanden van de gaatjes niet te ruw zijn, de gaatjes worden best kops geboord (met de boomnerven mee) om splijten te voorkomen, je gebruikt best hardhout en plaatst ze niet te laag of op een natte winderige plaats. De ideale doorsnede van de gaatjes is tussen de 3-8 mm en ze zijn best 15 cm diep.
  • Alleen honingbijen en hommels hebben stuifmeelkorfjes aan hun poten. Eén van de gemakkelijkste manier om honingbijen van wilde bijen te onderscheiden is dus op zoek gaan naar stuifmeelklompjes aan de poten. De ander soorten bijen zijn ofwel kropverzamelaars (7%), buikverzamelaars (16%) of beenverzamelaars (44%). Vooral de buikverzamelaars zijn goede bestuivers omdat ze vaak met heel hun lichaam trillen om zoveel mogelijk stuifmeel los te krijgen van een bloem en daarbij ook veel stuifmeel loslaten op een volgende bloem.
  • Imkers die het beste voor hebben met de honingbij vergeten best ook niet de wilde bijen en hommels. Zij bestuiven namelijk ook planten en zorgen daardoor voor een grote diversiteit aan planten waarvan de honingbij op zijn beurt weer profiteert. Het is niet aan te raden om bijenkasten in een natuurgebied te plaatsen. Aangezien één kast vele duizenden honingbijen bevat beperken ze de hoeveelheid beschikbaar voedsel voor wilde bijen. Honingbijen zijn dan weer wel uitermate geschikt als hulp voor het bestuiven van fruitbomen of andere landbouwgewassen. Hoewel, zouden in de toekomst kasten met nestgelegenheid voor solitaire bijen een alternatief kunnen vormen?

Wie geïnteresseerd is en meer wil lezen over wilde bijen kan terecht op de website www.blijebijen.be. Om nu de vraag te beantwoorden wat je best doet als je wilde bijen of hommels in je tuin hebt verwijs ik jullie graag door naar de website: www.wildebijen.nl. Kort samengevat, ze leven maar kort en doordat ze maar in kleine groepjes van enkele tientallen voorkomen veroorzaken ze weinig overlast. Je kan er dus best gewoon van genieten!

(De foto van de metselbij werd gemaakt door Gailhampshire, UK en van de boomhommel door André Karwath aka AkaEigen werk, CC BY-SA 2.5, Link)

6 gedachten over “Help, ik heb solitaire bijen of hommels in mijn tuin!

  1. Interessant. Bij “solitaire bijen”, denk ik aan Maya de bij intussen :-).
    Gisteren vloog er één in de kinderen hun waterbaan. Ocharme.
    Ik heb ze eruit gehaald en een beetje verder gelegd… ze kroop nog rond, dus ik hoop dat haar vleugels gedroogd zijn en dat ze het overleefd heeft…

    1. Wat lief dat je het bijtje gered hebt! Waarschijnlijk was het opzoek naar wat drinkwater want ook bijtjes hebben soms dorst. Als je zin hebt kan je een bijenkroeg in je tuin zetten: een schaaltje water met daarin een blaadje dat drijft waarop ze kunnen zitten om te drinken zonder te verdrinken 🙂

  2. Interessant. Ik vraag me nu ook iets af. Onlangs vertelde iemand mij dat op het nieuws was geweest dat er nu te veel bijen zouden zijn, omdat er nu juist zoveel gedaan wordt om bijen te lokken enzo, zouden er nu te veel bijen zijn voor het aantal voedsel ofzo? Het is dus maar van horen zeggen, maar ik vond het echt heeeeel merkwaardig, ik dacht toch nog altijd dat er te weinig bijen zijn.
    Ik vind het in elk geval juist leuk om bijtjes in de tuin te hebben. Die wespen daarentegen…

    1. Het probleem is niet te veel bijen maar te weinig bloemen ? Er zijn tegenwoordig inderdaad weer meer imkers dus ook wat meer bijtjes en dat is goed maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat iedereen imker wordt. Op sommige plaatsen zijn er te weinig bloemen en dan vormen die kolonies met duizenden bijen wel concurrentie voor sommige bedreigde wilde bijen. De oplossing is geen bijenkasten bij natuurgebieden zetten en vooral zorgen voor meer bloemen in de tuin, langs de weg en aan de rand van landbouwpercelen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *